• Alles over de geschiedenis van Zoetermeer

    Afbeelding: Alles over de geschiedenis van ZoetermeerWelkom bij Oud Soetermeer! Hier vindt u informatie over de geschiedenis van de stad Zoetermeer. Via de werkgroepen kunt u onderzoek doen of daarbij worden geholpen. Hoe u lid kunt worden of aan de activiteiten kunt deelnemen, vindt u ook op deze site.
     
 
 

Jan Baars

U bent hier: home › Interviews › Jan Baars

Het verhaal van Jan Baars, die ongewild een held werd (2002)

E.W. van den Burg

 Niet zo lang geleden wandelde Margo Baars binnen bij het Historisch Genootschap. Zij is bezig om van het geslacht Baars zoveel mogelijk informatie te verzamelen. Uit de nalatenschap van een familielid, Jan Baars, waren allerlei gegevens tevoorschijn gekomen die te maken hadden met de militaire dienst. Zo waren er enige dapperheidsonderscheidingen en een brief van een sergeant die het bewuste familielid bedankte, omdat hij hem het leven had gered. Jan Baars moet dus wel iets bijzonders hebben gedaan. De vraag van Margo was dan ook of het genootschap haar zou kunnen helpen de toedracht van een en ander te achterhalen. We hebben haar inderdaad kunnen helpen en hiervan willen wij ook de leden van het Historisch Genootschap deelgenoot maken.

 De Mobilisatie 1939

Johannes Petrus Baars, zoals hij volgens de Burgerlijke Stand heette, is geboren op 16 september 1909. In 1929 was hij reeds voor eerste oefening opgeroepen. Toen de Mobilisatie in 1939 werd afgekondigd moest hij als gewoon soldaat weer opkomen en wel bij het 4e Regiment Infanterie. De dreiging dat er oorlog zou komen is er van september 1939 tot en met de eerste dagen van mei 1940 voortdurend geweest. Op 10 mei 1940 was het zover, Duitsland viel onder andere Nederland binnen.

 Het Eiland van Dordrecht

De Duitsers maakten op grote schaal gebruik van valschermtroepen, niet alleen in de buurt van Den Haag en Rotterdam, maar ook in de omgeving van Moerdijk en Dordrecht. En het waren vooral deze zeer goed getrainde parachutisten waar de eenheid van Jan Baars mee te maken had. We zullen hier niet diepgaand ingaan op de gevechtshandelingen in breder verband, maar ons beperken tot de situatie waarin de heer Baars verzeild raakte. Eerst maar even de brief van een dankbare sergeant.

 Dankbetuiging

Door dezen verklaar ik, dat ik de soldaat J. Baars, woonachtig te Zoetermeer, Vlamingstraat 41, grote dank verschuldigd ben voor zijn heldhaftig gedrag op 11 mei 1940, waardoor ik het leven mocht behouden. Een Duitse soldaat gebruikte mij op die dag als schild en gelastte soldaat J. Baars naar voren te komen. Aan dit bevel voor overgave werd geen gevolg gegeven. Doch door de soldaat Baars werd met het pistool gevuurd, welk vuur op gelijktijdig moment beantwoord werd door de Duitser. Als gevolg hiervan werd de vijand een duim van de rechterhand afgeschoten, zodat deze niet verder kon vuren. Dit feit stelde mij in de gelegenheid om te kunnen ontvluchten. Volgaarne betuig ik daarom schriftelijk J. Baars mijn hartelijke dank voor dit wapenfeit en wens hem voorts veel geluk en voorspoed in zijn verdere leven toe.

Was getekend: Amstelwijck, 31 mei 1940
G.A.E. Duyster, jr, sergeant 2-I-28-R.I.

 Op 9 september 1946, dus ruim zes jaar nadat het allemaal gebeurd was, moest de heer Baars voor de Commissie Onderscheidingen een verklaring afleggen. Deze verklaring, die we in zijn geheel laten volgen, geeft duidelijk aan onder welke omstandigheden betrokkene heeft verkeerd.

 Verklaring

“Ik heb gevochten onder vaandrig Marijs. Ik weet wel, dat wij totaal geïsoleerd zaten, maar hoe dat kwam kan ik niet zeggen. Een Duitse officier, die zich daartoe overgaf, verzocht om wapenstilstand, omdat de Duitsers doorvechten "zwijnachtig" vonden. Dit alles begreep ik later van de anderen, toen we bij elkaar waren, nog voordat ik vervoerd werd. We zijn bijeengekomen op een hoeve van de Domeingrond en ik ben daar 's zaterdags tegen 12 uur 's middags, gewond aan de voet, met een Rode Kruis auto naar de M.T.S. in Dordrecht vervoerd. De Hollanders en Duitsers zaten toen al bij elkaar. Hoe die Rode Kruis auto daar kwam weet ik niet. Ik heb deelgenomen aan de gevechten op 10 en 11 mei. Ik ben gewond geraakt tijdens de terugtocht naar mijn sectie. Zaterdagochtend om ongeveer halfelf kwam de aanval van de parachutisten. Het ging nogal bloedig toe. We vroegen aan de vaandrig Marijs om met twee à drie man patrouille te mogen lopen. Twee Duitsers gaven zich gewond over. Twee man van de sectie bleef bij hen ter bewaking. Hierna hoorden we achter ons plotseling een geschreeuw. Vijf Duitsers riepen: "Wij geven ons over". Dit begrepen wij er tenminste van. Toen wij dichterbij kwamen zagen we dat tussen hen in twee Hollanders stonden met de handen omhoog, terwijl de Duitsers de wapens op ons gericht hadden. Hierop trokken wij ons terug. Twee van de patrouille gingen terug naar de sectie en ik bleef nog even achter. Daarna kwam twee man met de handen omhoog naar mij toe onder het geschreeuw van: "Wij geven ons over". Naderbij komende bleek dat het de sergeant Duyster was met een Duitser achter zich, die zijn pistool over de schouder van de sergeant had gelegd. Ik schoot nu met mijn pistool de Duitser zijn pistool uit handen. Hierna kroop ik achter mijn lichte mitrailleur en gaf een korte vuurstoot af op de Duitser, die achter de dijk was gesprongen en met een handgranaat gooide, die gelukkig aan de andere kant van het dijkje terechtkwam. De sergeant Duyster had van de gelegenheid gebruik gemaakt om weer bij zijn sectie terug te keren. Ik wilde nu naar mijn sectie terug, doch moest daartoe over de dijk. Vlakbij liep de versperring op de dijk, terwijl een veertig meter verder de versperring achter de dijk voortliep. Onder vuur probeerde ik nu een boom te bereiken, gelegen voor de dijk en ter hoogte van het punt, waar de versperring achter de dijk liep. Vlak bij de boom werd ik achter in mijn voet geschoten. Er zaten nog tien patronen in de trommel van mijn mitrailleur. Ik heb de kolfbodem verwijderd, zodat de mitrailleur nu voor de Duitsers onbruikbaar was. Tenslotte heb ik toch mijn sectie nog bereikt. Hierna hebben geen gevechtshandelingen meer plaatsgevonden.”

Tot zover het relaas van de heer Baars. Hij werd in 1947 begiftigd met het Bronzen Kruis en in 1952 met het Oorlogsherinneringskruis. Het bronzen kruis werd aan hem toegekend wegens:
"Heeft zich door moedig optreden tegenover de vijand onderscheiden, door op 10 en 11 mei 1940, behorende tot een geïsoleerd troepenonderdeel, als lichte mitrailleurschutter in het Zuidoostelijk deel van het Eiland van Dordrecht op onverschrokken wijze deel te nemen aan het bestrijden van aldaar, in grote getale, gelande vijandelijke valschermjagers. Tenslotte bij het dekken op 11 Mei 1940 van de terugtocht van zijn groep, welke was afgesneden en welke onder vijandelijk mitrailleurvuur lag, gewond geraakt."

 Jan Baars was een bescheiden man die hier niet mee te koop liep. Hij mocht zich gelukkig prijzen dat hij het overleefd heeft, want hij heeft de dood in de ogen gezien. Van zijn verwonding heeft hij nog wel geruime tijd last gehad, maar hij kon in zijn werkzame leven zijn brood verdienen als timmerman. Op 22 mei 1987 is hij overleden.

 Bronnen:

Sectie Militaire Geschiedenis van de Koninklijke Landmacht.
E.H. Brongers: Opmars naar Rotterdam, deel I - De luchtlanding, 4e druk
Nagelaten bescheiden J.P. Baars.
H.G. Meijer: Bronzen Leeuw / Bronzen Kruis, militaire dapperheidsonderscheidingen

 
 

Afbeeldingen

Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding
 

Interviews